nachtmerrieDe borrels in de kroeg, de verontwaardigde reacties van mijn koorgenoten, de bemoedigende woorden van mijn beste vriend – ze zijn lief en fijn maar verzachten niet. Hun collectieve boosheid over wat er is gebeurd, is goed bedoeld maar ik kan er niks mee. Ik voel me ondankbaar en verschrikkelijk alleen. Tuimel ten lange leste met een vol hoofd mijn bed in. Manlief is diep in slaap. Allang. Tegen zijn gewoonte in, is hij vroeg naar bed gegaan. Ook een manier om er even niet te zijn en de boel de boel te laten. Ik kan me er iets bij voorstellen. Maar mijn hoofd wil niet uit. Het zoekt onafgebroken naar woorden en zinnen om mijn verbijstering uit te spreken. Wat moeten we nou? Dit is toch geen manier van doen? Hoe kan het dat we deze move niet zagen aankomen? Wat kun je als eenzijdig de samenwerking wordt opgezegd? It takes two to tango. Terwijl de hele dansvloer doorwervelt staan we plotkslaps allenig en verlaten, te verbaasd om een voet te verzetten. Afgetikt (was er een jury dan?).

‘Mama’, zegt ze ’s ochtends bij het ontbijt als ik op de automatische piloot probeer zo gewoon mogelijk te doen, ‘ik droomde dat ik naar de andere klas moet. Dat wil ik niet, dat is niet eerlijk want dan hebben die jongens gewonnen. Dat gaan we niet doen toch?’ Soms is het leven niet eerlijk en misschien wordt het niet een andere klas maar een andere school, maar dat is nu geen goed antwoord. Ik kijk naar het witte snoetje van mijn oudste. Haar bravoure is ver te zoeken. Kon ik ‘r maar gerust stellen, zeggen dat alles goed komt – maar ik durf het niet.

‘Lieverd, wat een nare droom! Natuurlijk wil je niet dat die jongens winnen. Ik weet niet wat het beste is nu. School moet daar ook nog over denken. Dat vind jij stom, dat snap ik ook wel. Maar ik ga supergoed mijn best doen voor jou. Want hé, dat verdien je, dappere kanjer, en we laten ons er niet zo maar onder krijgen. Zijn ze nou helemáál belatafeld!’ Een klein lachje trekt over haar gezicht. ‘Nog even volhouden meis en hoe moeilijk het ook is; laat je niet uitlokken. Laat ze maar praten.’ Het voelt niet aardig om dat tegen haar te zeggen maar tactisch gezien zou het heel onhandig zijn als ze zich laat verleiden tot geruzie dus probeer ik voorzichtig nog wat stichtelijke woorden mee te geven.

‘Hoe lang duurt het dan nog, mama?’ Een logische vraag voor een meisje dat alles graag zo concreet mogelijk heeft. Wat zou een veilig marge zijn waarmee we haar houvast kunnen geven? ‘Twee weken denk ik’, zeg ik stoer. Het lijkt mij al een eeuwigheid, laat staan voor haar. Haar ogen op steeltjes spreken boekdelen. ‘Zo lang?!’ ‘Reken daar maar wel op, al ga ik natuurlijk niet zitten wachten op school. Ik ga ze flink achter de broek aan zitten! Hop naar school nu, want te laat komen kunnen we nu niet hebben. Laat ze maar zien wat voor goede leerling jij bent!’

En daar gaat ze, god, wat is ze dapper. Niet huilen nu, wachten tot de deur dichtslaat…

Er zijn 1 reacties

  1. jolanda

    Zooooo moeilijk altijd alleen al hun problemen oplossen, een strijd die we elke dag moeten voeren, en die zoveel energie kost en nu na al die jaren ook gerust kan zeggen, ten koste van mijn eigen gezondheid, terwijl alles draait op mijn motor, dus….  we moeten ook aan ons zelf denken… Denk daar aub aan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *