Daar gaat-ie weer

dinsdag 25 Mei, 1/15/22 Juni 2010
Een training opvoedstijlen voor ouders van kinderen met autisme. Naar aanleiding van mijn bezoek aan Autismecafé Leiden heeft Stichting Ovaal gevraagd of ik in vier avonden ouders de fijne kneepjes van de opvoedstijlen bij wil brengen. Graag natuurlijk! Kom je ook? Er zijn nog twee plekjes vrij, info via Greet Meesters.
lees verder

Diagnose XIV

“We willen graag overstappen omdat we denken dat het beter is voor ons kind. Kunt u mij zeggen hoe dat in zijn werk gaat?” De dame van de polikliniek begrijpt het niet. Zou er nooit iemand van kinderpsychiater wisselen dan? Ik leg het nogmaals uit. Dat we behoefte hebben aan een plek waar meer kennis voorhanden is, dat onze dochter de diagnose asperger heeft maar ook bijkomende problemen op het gebied van stemmingswisselingen en soms stemmen lijkt te horen. Dat lees verder

Kom je ook?

 

Op donderdag 11 februari ben ik te gast in het Autismecafé in Leiden om te praten over IJskastmoeder. Of breder. Over het vader/moeder zijn van een kind met autisme. Iedereen is van harte welkom. De avond begint om 19.30 en de toegang is vrij. Kom je ook?lees verder

Logeren III

‘Als je wil mag je op paardenkamp.’ Ik zeg het zo luchtig en zo neutraal mogelijk want ik weet dat ik maar één kans krijg. ‘Echt waar? O joepie!’ reageert ze enthousiast. Pff, de eerste drempel is genomen. ‘Maar hoezo dan? En wanneer is dat dan? En wie gaat er nog meer mee?’ ‘De paardenjuf organiseert een kamp in de eerste week van de zomervakantie en ze vroeg of jij daar misschien ook zin in had.’ ‘Haha, natuurlijk heb ik lees verder

Boek – tatatadatadaaaaa

Vanochtend draalde en dwaalde ik door het huis, ik zocht mijn draai maar kon hem niet vinden. 

 

Toen arriveerde de taart. Daar mag vanavond het hele koor van meegenieten. Het is immers donderdag, mijn heilige zing-avond. Maar een taart is geen boek.

 

Beetje reageren op mijn blog dan maar, wat lezen in de krant, even boodschappen gaan doen misschien? Oh nee, dat kan niet. Ik kan het huis niet verlaten want ik wacht op een pakketje. Boterhammetje dan maar.

 

Ding-dong. … lees verder

En wij dan? XII

‘Gaan we nou wéér naar Frankrijk?’ vraagt mijn jongste ergens in het voorjaar. ‘Kunnen we niet een keer ergens anders naar toe? Italië of zo?’ Twee jaar geleden hebben we geprobeerd wat variatie aan te brengen en zijn we na twee weken in ons huisje een week naar de Atlantische oceaan gegaan. Het was geen succes. Dus, ja, we gaan wéér naar Frankrijk. Het spijt me meisje, ik snap je vraag wel, maar ik kan er niks mooiers van lees verder

Liefde I

‘Mama, kom je nog even bij me liggen, ik wil met je praten.’ Zo’n expliciete uitnodiging krijg ik zelden dus ik grijp de gelegenheid met beide handen aan. ‘Doe de deur maar even dicht, ik wil je onder vier ogen spreken.’ O, dat klinkt ernstig, ik ben benieuwd waar ze mee komt. Ik klim in haar hoge bed, maan haar plaats voor me te maken en verwachtingsvol vlei ik me naast haar neer. ‘Mam, wat ik je vragen wilde. Het lees verder

Dagelijks leven VIII

Thuisgekomen van het paardrijden begroet ze haar zusje allerhartelijkst en ze gaan samen boven spelen. Ze gaan wat? Ze gaan samen boven spelen! Samen, dus met zijn tweeën en zonder dat ik dat gesuggereerd heb of ze daartoe aangezet. Boven, dus niet achter mijn hakken, of bij me aan de keukentafel maar buiten mijn gezichtsveld. Spelen, al heb ik geen idee wat ze gaan doen, juist daarom ben ik nu al blij. Na tien minuten nog steeds lees verder

Dieren V

“Gaan we alsjeblieft niet op de fiets?” zegt mijn oudste en ze kijkt me smekend aan. Elke zaterdagmorgen gaan we naar de paardenmevrouw en ik haast me door het huis op zoek naar de rubberlaarzen die telkens weer kwijt zijn. Ik baal, ik ben alwéér te laat om op de fiets te gaan en het zou juist zo’n goed therapeutisch ritje zijn. ‘We gaan vandaag met de auto.’ “Joepie!!” juicht ze vrolijk om er in één adem op te lees verder

Dieren III

Houtsnede Frank DekkersOp tien minuten fietsen, iets buiten het dorp, achter een grote villa die een tweede leven leidt als groepsaccomodatie, stuit ik op een sprookjesachtige plek. Met in mijn rug de beschutting van een bomenrand zet ik mij op een omgevallen boom bewerkt tot knoestige bank en geniet van een fabelachtig uitzicht over de weilanden. Een hoge lucht met vage wolkenslierten en een ondergaande zon completeert het geheel. Wanneer de equitherapeute mij een krachtige hand geeft hoef ik eigenlijk geen woord lees verder