Met het overstappen naar een andere kinderpsychiater gaat ons meisje opnieuw door de molen. En wij ook dus. Ik zeg dat een nieuwe diagnose niet nodig is, maar dat werkt zo niet. Ach, ik wil ook wel snappen dat het hun manier van werken is. Dat ze zo hun patiënten, cliënten of we ook mogen heten leren kennen. Maar toch. Gedoe. We willen graag ouderbegeleiding en dat kan, zeggen ze. ‘Maar eerst willen we nog graag een GDO.’ ‘Een wat?’ ’Een gezinsdiagnostisch onderzoek’, zegt de psycholoog. Maar dat zegt me nog niks. ‘De systeemtherapeut heeft dan een gesprek met uw hele gezin in de spiegelkamer. Wij – de kinderpsychiater, de co-assistent, iemand van de ouderbegeleiding en ik – kijken dan mee en dat helpt ons een beeld te vormen van uw gezinssituatie.’

Hm, ik weet niet goed wat ik daar van moet vinden. Willen ze dan kijken of het toch aan ons ligt? Kijk, dat de eerste afspraak in het academisch ziekenhuis in de spiegelkamer plaatsvond was even schrikken bij binnenkomst, maar uiteindelijk vond ik het ook wel efficiënt. Daarna splitsten we op en ging onze oudste met de kinderpsychiater mee en hadden wij een gesprek met de psychiatrisch verpleegkundige die ook ouderbegeleiding geeft. Maar met zijn allen in de spiegelkamer om ons als gezin te laten bekijken, dat voelt niet lekker. Daar belasten we bovendien de jongste mee. En wat zeggen we dan wat we gaan doen tegen de kinderen? Ondertussen zit de psycholoog mij aan te kijken en wacht ze op een signaal of ik haar uitleg begrepen heb. Als ik bezwaren opper zijn we meteen verdacht natuurlijk. Aarzelend zeg ik dat ik daar even over moet nadenken en ik kijk mijn man aan om te polsen wat hij ervan denkt. Hij vindt het allemaal wel goed, wat moet dat moet. ‘Het is wel belangrijk om dat snel te beslissen. Omdat er zoveel mensen bij betrokken zijn, kost het over het algemeen een week of zes voordat we een GDO kunnen inplannen’ voert de psycholoog de druk op. ‘Zes weken?’ roep ik uit, ‘En gebeurt er al die tijd dan verder niks?’ ‘Nou, tja, het GDO is voor ons een cruciaal onderdeel in het diagnostisch traject, het bepaalt immers mede de invalshoek voor het verdere traject.’ Ik ben flabbergasted. Ik weet nu al wat er uit dat hele G D O gaat komen, niks namelijk. Hoe leg je aan een kind van tien uit dat al die testen die ze heeft gemaakt pas over, op zijn vroegst, twee maanden besproken worden?

Welkom in de wereld van het academisch ziekenhuis. Volgens mij is de co-assistent die het onderzoek opgestart heeft, tegen die tijd alweer bijna vertrokken. Als we terug naar huis rijden vraag ik me hardop af of we er goed aan gedaan hebben om over te stappen. Misschien is dit wel de plek waar veel kennis is, maar dat wil blijkbaar nog niet zeggen dat je daar als ouder mee geholpen bent.

Er zijn 6 reacties

  1. jan krosenbrink

    een universiteit doet aan opleiding en onderzoek. Als patiënt in een academisch ziekenhuis ben je daarom ook studieopjekt van co-assistenten. Dat co-assistenten met je bezig gaan is denk ik logisch om te accepteren. Als je onderwerp wordt van een speciaal onderzoek ten behoeve van het onderzoek en niet direkt ter behandeling van jou, mag je verwachten dat ze jou dat netjes en expliciet vragen en dan mag je ook nee zeggen. In je verhaal vind ik dat jullie als cliënt niet netjes zijn behandeld, jullie willen iets, zij kunnen dat leveren, maar slechts onder bepaalde voorwaarden. Die voorwaarden komen echter terloops op tafel. Dat lijkt een beetje op de verkoopstrategie van een handelaar in tweedehandse auto’s

  2. IJskastmoeder

    @Jan, het is zoeken hoe daar mee om te gaan. Omdat we denken hier op het juiste adres te zijn, vooral voor de combinatie autisme/depressie/angst al dan niet met stemmen horen, zijn we best bereid concessies te doen. Maar dan wel graag met het gevoel geholpen te worden en dat perspectief is nog even zoek.

    @lidy, laten we het niet hopen…

  3. Inge

    Beste,
    Ik ben net je boek “ijskastmoeder” beginnen lezen. Mijn mond valt gewoon open… Dit is gewoon mijn verhaal dat ik zit te lezen…
    Onze dochter, Fran is bijna 7 (nog 26 dagen!) en we hebben sinds 3 jaar een diagnose. Ja, we waren er vroeg bij, en maar goed ook. Het scheelde een pak frustraties.
    Ik ben heel benieuwd naar de rest van het boek, en ga je hier ook zeker blijven volgen.
    Groetjes, Inge

  4. Inge

    Het is dus onze jongste die Asperger heeft. Onze oudste is bijna 9, en kwam daarnet weer met een kop op ontploffen uit school. Ze zuchtte: “ik wilde dat Fran mijn zus niet was, ze is zoooo lastig”. En dan hebben we “het praatje” weer. Dat Fran “anders” is, dat ze er ook niks aan kan doen, en ja, dat het vaak knap lastig is voor ons.
    En dan lees ik verder in je boek. Pagina 47 onder het titeltje “ADHD”. Ik slik. En ik lees opnieuw MIJN verhaal. En dat van Lena (onze oudste). Ik laat haar het stukje lezen, en ze krijgt zowaar tranen in haar ogen.
    Ik lees verder!

Laat een antwoord achter aan Inge Antwoord annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *