“Woeha, moet je eens kijken hoe hard mijn tand wiebelt!” En zowaar er zit een millimeter beweging in de linkersnijtand naast haar verse voortanden. “Nee, niet aankomen!” ‘Lieverd, ik zou niet durven. Ik zal kijken met mijn handen op de rug.’ Bij elke tand die gewisseld moet worden voelt ze zich het achtste wereldwonder. En niet alleen in positieve zin want het is vooral ook héél erg eng. In de weken die volgen word ik nauwgezet op de hoogte gehouden maar als plots de informatiestroom stokt weet ik eigenlijk wel hoe laat het is.

‘Hoe is het met je wiebeltand?’ “Ja goed, die andere wiebelt nu ook” en ze wijst rechtersnijtand aan. ‘Oh mooi, dat gaat goed. Mag ik even voelen om te kijken hoe los ze zitten?’ “Nee dat wil ik niet. Kijk, ik laat het je wel zien.” ‘Schat daar zie ik helemaal niks van, laat me maar even voelen.’ Schoorvoetend gaat ze akkoord onder voorwaarde dat ik niet hard ga duwen. De rechtertand is inderdaad ook begonnen met wiebelen maar het mag nog geen naam hebben. Gek genoeg is de linker niet echt veel verder. ‘Wiebel je ze wel eens met je tong of je vinger?’ “Ja dat doe ik echt wel.” Geërgerd keert ze zich van me af.

De eerste tanden lukte het nog om haar af en toe een handje te helpen maar nu staat ze dat niet meer toe. De laatste keer dreigde een losse tand weer vast te groeien, dat blijkt te kunnen, en hielp het ultimatum van de tandarts. Ze kreeg twee weken de tijd om de tand eruit te wiebelen en anders zou ie getrokken worden. Twee weken ellende, huilbuien en voor haar één groot gevecht om tussen twee kwaden te kiezen. Op de ochtend van D-Day ging de tand eruit.

‘Weet je nog wat de tandarts de vorige keer heeft gezegd?’ “O nee, o nee, ik ga echt niet tandduwen. Dat wil ik niet. Moet dat echt mam?” Eerst klinkt ze nog ferm en vastbesloten maar ze eindigt met een klein benauwd stemmetje. ‘Als je niet wil dat ie getrokken moet worden moet je je tanden helpen.’ “OK dan, maar ik doe het zelf. En ik doe het wel ’s avonds in bed. Jij hoeft er niet bij te zijn en ik wil ook niet dat je gaat voelen.” Zucht, daar gaan we weer. Want ik wéét dat ze het niet gaat doen en ik weet hoe ellendig ze is als die tand er straks bij de tandarts uit moet. Maar er is al zoveel om strijd over te voeren… Ik denk dat ik het er deze keer maar op aan laat komen. Sorry tandarts, sorry kind, ik ik heb even geen moed.

Er zijn 10 reacties

  1. Zilver

    Avatar van Zilver
    Vastgroeien, kan dat, wat naar, ik heb alle vier de kinderen gewoon laten wachten tot ze er vanzelf uitgingen, al wilden vreemde nog wel eens raaad geven en met hun vinger in de mond. Ik zei altijd: niemand mag in je mond hoor, stijf dicht houden. Ze waren allemaal weleens bang om een tandje in te slikken en dan zei ik: niet druk om maken je poept hem wel weer uit, dat ene tandje zal niet in je billetjes bijten en dan moesten ze lachen en dan was het enge al weer weg. Maar ja, elk gezin heeft zo zijn eigen problemen, maar gelukkig hebben we nooit last gehad van tanden die weer vastgroeiden.

  2. jan krosenbrink

    Avatar van jan krosenbrink
    ik wil wel een paar tanden met haar ruilen. Dat ik dan die vastgroeiende van haar krijg. Maar ik weet niet of dit voorstel goed valt bij haar, dat weet je als ijskastmoeder het best

  3. ijskastmoeder

    Avatar van ijskastmoeder
    @Zilver, de tandarts vertelde dat de meeste kinderen zo gefascineerd zijn door losse tanden dat ze er niet vanaf kunnen blijven met hun tong en ze er zo uitwerken (bij de jongste werkt dat inderdaad). Mijn meisje vindt het echter zo eng dat ze er angstvallig vanaf blijft en dan groeien ze weer vast op een plek waar de nieuwe tand er minder last van heeft. Maar met alle ongewenste gevolgen van dien…
    Mooi verhaal van tandjes en billetjes 😉

    @jan, ik zal het haar voorstellen maar ik weet het antwoord eigenlijk al, en jij ook denk ik.

    @MvZ, ze lijken per twee te gaan, maar het gaat héél langzaam (de jongste haalt haar nu in)

  4. Bine

    Avatar van Bine
    Ocherm, wat een angst!

    Mijn broer heeft zijn dochter ‘misleidt’ met een aantal verschillende middeltjes (misschien heb je er wat aan):
    – grote rietjes (zuigbeweging zorgt bijna automatisch voor extra beweging)
    – kleverig zacht eten waar tandjes in blijven hangen (kruidkoek, toffees en zo) (gillen, niet te kort.. maar wel effectief)
    – het tegenovergestelde: eten waarin flink gehapt moet worden (appels..)
    – bij het tandenpoetsen iets nieuws introduceren: tandvleesmassage (je hebt er speciale borsteltjes voor) dan wel flosdraad (de rest kun je zelf wel invullen)

    En de laatste kiezen.. tja, dat werd de tandarts. Toen was ook hij qua ideëen uitgeput. De tandarts niet: die gaf haar een gebit met van dat kleefspul waarmee een afdruk wordt gemaakt. 3 in 1 keer… 😉

    Sterkte..!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *