‘Hé hoe kan dat nou. Simone zei dat ze niet kon afspreken maar nu zie ik dat ze met Annabel op Hyves is. Ik zal d’r eens even krabbelen.’ O jee, zit ze wéér achter dat ding. Ik betrap me erop dat ik de computer inmiddels – net zoals mijn moeder dat doet – uitscheldt voor ‘dat ding’. En dat terwijl ik graag de zegeningen predik van het digitale tijdperk. Sinds mijn dochter Hyves heeft ontdekt is het gedaan met de rust als ze achter de computer zit. Eindeloos kijkt ze rond op profielpagina’s, verzamelt ze ‘vrienden’ en knoopt praatjes aan met wie maar online verschijnt.
‘Ehm, lieverd, wát ga je dan precies krabbelen? Wel aardig blijven hè.’ Met argusogen hou ik haar in de gaten. Het is de afgelopen weken iets te vaak mis gegaan. Waren ze in no time weer in een heftige scheldsessie verwikkeld en zie dat dan maar weer recht te breien. ‘Nou, ik mag toch best zeggen dat het stom is als ze tegen mij zegt dat ze niet kan en dan met iemand anders gaat afspreken. Ze moet gewoon eerlijk zijn.’ Ook al zo ingewikkeld, sinds ze op Hyves ziet wat iedereen met elkaar doet en welke logeerpartijtjes er zijn voelt ze zich veel sneller buitengesloten dan toen dat nog onzichtbaar was omdat het zich buiten het schoolplein afspeelde. Zij wil ook een BFF (best friend forever) bij wie je ‘sentimentele ‘inbrekertjes’ plaatst omdat je elkaars wachtwoord kent. Maar eerst gaat ze Simone eens flink de waarheid zeggen.
Ik grijp in. Want de uitglijers die ze maakt staan meteen zwart op wit en worden op het schoolplein tegen haar gebruikt. Die zichtbare communicatie biedt ook kansen natuurlijk; als ik ernaast zit kan ik haar soepel door spraakverwarringen loodsen en dat kan niet op het schoolplein. Maar ingewikkeld is het wel.
‘Die ken je wel hè, die is uit mijn klas en deze zat vorig jaar in groep 8. Dat is de zus van die vorig jaar in groep 8 zat en deze, deze en deze ken ik van dansen.’ Samen bladeren we door haar Hyves-vrienden, een gewoonte die is ontstaan toen het ondoenlijk werd om voor elk vriendenverzoek afzonderlijk toestemming te geven. Sindsdien gaan we er regelmatig samen voor zitten. Heel gezellig eigenlijk en telkens weer sta ik versteld van haar enorme netwerk. Bijna twaalf is ze nu en mevrouw heeft maar liefst 301 vrienden. Driehonderdeneen jongens en meisjes, met een hier en daar een verdwaalde ouder, die ze állemáál kent. Want dat is de
‘Mama, ik wil ook op hyves, kun je me helpen?’ Opgetogen zit ze achter het beeldscherm, de openingspagina van Hyves staat al klaar. Het overvalt me. Ik vind haar