fotoOudste heeft een wrat, een voetwrat. Ze zegt dat ze er geen last van heeft maar ik betwijfel het want het is een knoepert en hij zit op een lastige plaats. De gedachte echter dat er iets met haar lijf zou moeten maakt haar panisch. Liever pijn dan dat er iemand zich met haar lijf bemoeit. Zo kleinzerig als ze is, zo idioot stoer doet ze als er écht iets aan de hand is. 

Lichtjes gestruikeld? Huis te klein! ‘Mama kijk, kijk, KIJK!!! Heb ik bloed?’gilt ze angstig van verre. En als er niks aan de hand is een verontwaardigde blik dat het heus heel erg is en dat het verschrikkelijk pijn doet, dat er een pleister op moet en dat ze vooral snoep verdiend heeft ter troost (ter geruststelling, dat krijgt ze nooit, ze moet het doen met een zoen).

Maar o wee als er echt bloed aan te pas komt, dan mag ik haar niet aanraken en al helemaal geen pleister plakken. Wanneer ik me wil vergewissen dat het niet té ernstig is, ik kan haar moeilijk met een gebroken arm laten rondlopen, kost me dat alle geduld en rust en overredingskracht die er in me is. Dit meisje laat zich ook niet temperaturen en heeft nog nooit een paracetamolletje geslikt. Geen polonaise aan mijn lijf is haar credo.

Maar goed, een akelige bloemkoolwrat dus op haar voetzool. Ik let een paar dagen extra op en betrap haar op het ontzien van de pijnlijke plek. Dat ontkent ze uiteraard ten stelligste maar ik weet genoeg en maak een afspraak bij de huisarts. Wijs geworden vertel ik het haar pas een half uur van tevoren en ik leg zo precies mogelijk uit wat we gaan doen bij de huisarts. Complicerende factor is dat ik niet kan inschatten of ie met stikstof weggehaald kan worden of dat ie weggesneden moet worden. Beide opties zijn haar een verschrikking maar het feit dat ik haar geen zekerheid kan geven over het verloop van de behandeling maakt dat ze in een repeterend loopje raakt. ‘Wanneer gaan we? Hoe laat is het nu? Maar wat gaat ie dan precies doen?’ De kunst is nu daar niet in mee te gaan, het één keer duidelijk uit te leggen en daar naar te verwijzen. Diep ademhalen, me sterk maken, het niet zielig vinden en ook niet boos worden dat ze weinig vertrouwen in mij heeft.

Iedere vezel van het lijfje staat strak gespannen als we de spreekkamer ingaan. Oeps, een nieuwe huisarts in opleiding. Hij is echt hartstikke lief en doet op zijn manier zijn best maar hij raakt bijzonder geïntimideerd door dit kind dat de boel bijelkaar schreeuwt en op geen enkele manier vrijwillig wil meewerken. Hij praat als Brugman in een poging haar op haar gemak te stellen. Voorzichtig suggereer ik dat maar achterwege te laten en samen aan de slag te gaan. Maar hij vat de hint niet en kijkt me bevreemd aan, denkt zeker dat ik zo’n hardvochtige moeder ben die het niks kan schelen dat haar kind in paniek is en niet nog een keer wil langskomen omdat dat met mijn werk niet goed uitkomt. Nou ja, of zoiets. Halfhartig stipt hij de wrat uiteindelijk aan en hij houdt onmiddellijk op als het meisje uitkermt dat het vreselijk veel pijn doet.

‘Zijn we nou klaar?’ “Ja, we moeten over 3 weken terugkomen maar nu zijn we klaar.” En dan zie je de gedaantewisseling. Ze ontspant, praat honderduit, lacht en stelt de nieuwe dokter de ene vraag na de andere. Ze dartelt door de spreekkamer en maakt geen aanstalten om te gaan. Ik pak haar bij de hand, zeg haar dat ze de dokter gedag moet zeggen en laat de jonge basisarts in opperste verwarring achter…

      Delen

Er zijn 5 reacties

  1. jan krosenbrink

    Avatar van jan krosenbrink
    Een beetje schrijver heeft een goeie dag als zij dit op een dag bijeen schrijft. Ik gun u dit als prachtige fictie. En heel sterk om de basisarts zelf te laten nadenken over de werkelijkheid!

  2. ijskastmoeder

    Avatar van ijskastmoeder
    @Theodora, is al goed hoor. Ik had het je al willen schrijven maar dat inloggen met wifi in Frankrijk verliep niet altijd even vlekkeloos…

    @Jan, bedoel je dat je denkt dat het fictie is? Ik wou dat ik het kon verzinnen 😉

  3. ijskastmoeder

    Avatar van ijskastmoeder
    Ik kreeg privé een mailtje dat zich niet laat reply-en vandaar de reactie hier in de hoop dat ’t bericht via deze weg alsnog aankomt:

    beste Elsje,

    Dank voor je hartelijke mailtje, ik moet een beetje van blozen van alle complimenten. En een boekje, wie weet komt het ooit van. Eerst maar eens beginnen met dit blog en kijken wat het doet.

    Over bij de dokter; er spelen in zo’n situatie meerdere dingen door elkaar. Ik voel me dom dat ik het niet van tevoren bedacht heb (dat overkomt me dus niet meer), ik wil die aardige net begonnen huisarts-in-opleiding niet voor het hoofd stoten (want inderdaad, hoe kan hij weten etc.), ik wil al helemaal niet over het hoofd van mijn dochter heen praten óver haar en dan heb ik ondertussen ook nog dat weerspanninge lijfje bij me waar wat mee moet. En dan denk ik inderdaad, ik zou achteraf moeten bellen en die jongen moeten toelichten wat er gebeurde dan leert hij er wat van, maar ja, dat verwatert dan weer in de veelheid dingen van de dag.

    Overigens heb ik voor de volgende keer bewust afgesproken bij één van de twee vaste huisartsen. Hij weet wel hoe dit varkentje te wassen 😉

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *